Bushokjesevangelisatie

In het bushokje vlakbij mijn huis staat te lezen dat God zegt, dat Hij mij door Jezus Christus een hoopvolle toekomst wil geven. Welnu, ik geloof van harte dat God dat zegt en ook meent wat Hij zegt. Maar ik probeer mij als ik zulke evangelische boodschappen lees toch altijd even te verplaatsen in de vele keurige heidenen die deze nieuwbouwwijk met mij bewonen. Wat denken zíj als zij dit lezen? Hoe reageren de tweeverdieners hierop die hier ’s ochtends om half zeven op de bus staan te wachten, nadat zij de kinderen naar de voorschoolse opvang hebben gebracht. “Nee maar, Annemarie, kijk dit nou: God wil mij door Jezus Christus een hoopvolle toekomst geven!” “Ach, Henk-Jan, doe niet zo mal… jij bent niet eens gelovig.” “Toch staat het er echt.”

Zouden er yuppen zijn die, geconfronteerd met dit blijde bericht, hun maatpak van het lijf scheuren, de attachékoffer wegsmijten en hun leven wijden aan de Heer?

Of zouden moeders die over het ernaast gelegen fietspad fietsen, op weg naar de Albert Heijn, hun bakfiets stilzetten en tegen hun kroost roepen: “Sterre, Storm, Vlinder –  schrijf effe dat internetadres op voor mama, wil je? Ik wil álles weten over die God die zulke dekselse dingen belooft.”

Ik durf dat alles eerlijk gezegd te betwijfelen. Vanuit mijn werkkamer kan ik dat bushokje zien, en ik zit er nu al een half uur naar te kijken zonder dat ik nog maar één bakfiets heb zien stoppen. Ook heb ik, toen ik net even een fotootje ging maken van het bushokje, geen verlaten koffers en verscheurde maatpakken zien slingeren in de buurt.

Nee, ik ben het volkomen met Timothy Radcliffe eens, die tijdens zijn prachtige lezing gisteren in Nijmegen over dit type boodschappen zei dat ze alleen maar mensen aanspreken die er toch al in geloven. De beroemde Britse dominicaan hield een warm pleidooi voor evangelisatie door verbeeldingskracht, door creativiteit, door aanwezigheid. Als voorbeeld haalde hij steeds weer de magnifieke film Des hommes et des dieux aan, het waar gebeurde verhaal van de trappisten die in de jaren ’90 in Algerije werden vermoord, vermoedelijk door fundamentalisten. Met hun leven en dood illustreerden deze monniken wat het betekent om het evangelie te verkondigen door eenvoudigweg aanwezig te zijn. Ze waren volledig vergroeid met het islamitische dorpje waar hun klooster stond, ze stonden de dorpelingen met raad en daad terzijde. Nee, ze hingen geen posters op in bushokjes, maar ze getuigden op een veel diepere en geloofwaardigere wijze toch wel degelijk van hun christelijke geloof. Ook de film zelf doet dat trouwens, zei Radcliffe: door de kijker mee te nemen in de persoonlijke worsteling van elk van de monniken, door op artistieke en subtiele wijze de overwinning van het goede te bezingen. En met succes; de film werd met prijzen overladen, trok wereldwijd miljoenen bezoekers en werd ook door talloze niet- of andersgelovigen met lof begroet.

Ik vind dat wij in Nederland een tamelijk beperkt en protestantsig beeld hebben van dat begrip ‘evangelisatie’. Ofwel men kiest voor de wereldvreemde woordenvloed die voor niet-gelovigen geen enkele betekenis heeft – hoezo is Jezus voor mijn zonden gestorven aan het kruis? Wat zégt mij dat, als ik niet ingevoerd ben in die rijke theologie waarin begrippen als verrijzenis, verlossing, zonde en genade betekenis hebben? Ofwel men kiest voor een gekunstelde wereldwijsheid die de blijde boodschap alleen nog maar indirect ter sprake durft te brengen, en gaandeweg de wijn zo ver aanlengt dat er slechts nog troebel water overblijft.

Dat zijn de smaken die je hier doorgaans aantreft; ofwel een verkondiging van de dode letter, ofwel een verkondiging van de verwaaiende geest.

Timothy Radcliffe liet gisteren een derde weg zien; een evangelisatie via creativiteit, verbeeldingskracht, humor, intelligentie, doorleefde wijsheid, via vitale aanwezigheid. Dat deed hij zonder gezochte metaforen of kleingeestige bedilzucht, maar ook zonder schaamte voor zijn christen-zijn. Radcliffe bracht Christus en het evangelie voortdurend ter sprake, maar op een volstrekt natuurlijke en allesbehalve kwezelachtige wijze. Ja, ik weet zeker dat de yuppen, bakfietsmoeders en tweeverdieners uit mijn wijk ook geboeid naar hem zouden luisteren.

7 gedachten over “Bushokjesevangelisatie

  1. Toen ik nog niet geloofde ergerde ik me wild aan dat soort posters, en aan mensen die je in de winkelstraat een banaan aanboden met daaraan een kaartje: “Ik sta liever voor aap, dan dat ik er vanaf stam.” Ze hoopten daarmee een gesprek over de Schepping in zes dagen en waarom wij daarin moeten geloven uit te lokken.

    Ik ben nu katholiek en die ergernis is er nog steeds: precies om de reden die jij aangeeft. Het spreekt alleen mensen die op die manier geloven aan en wellicht geeft het de mensen die erachter staan een gevoel dat ze daarmee toch een goede (evangelisatie) daad gedaan hebben.

    Inderdaad is evangelisatie in Protestantse kringen vaak beperkt tot anderen vertellen dat God bestaat (en dus dat jij het helemaal fout ziet en fout doet). Échte evangelisatie, volgens de H. Franciscus is “Verkondig het evangelie, desnoods met woorden.”

  2. Ook als protestant met veel plezier en instemming deze blogbijdrage gelezen. En ook die bijzondere film gezien.
    P.s. Is de lezing van Timothy Radcliffe ook nog ergens terug te zien of te lezen?

  3. Zeer herkenbaar. Ik vraag me ook al jaren af of bij dit soort acties de relatie tussen doel en middel niet volkomen zoek is. We noemen zoiets ook wel een preek voor eigen parochie.

  4. Inderdaad…helemaal waar! Ik merk het dag in, dag uit…mensen – gelovig of niet – reageren niet direct op flitsende posters maar veel meer op de het gebeuren van de ontmoeting die in haar creativiteit en schoonheid iets van God laat zien. Het zit, zo mag ik ervaren in de huisbezoeken maar ook bij de voorbereiding van bijvoorbeeld van uitvaarten, in de kleine dingen die zo’n ontmoeting naar voren komen en niet in de grote opvallende zaken zoals ook de posters, waardoor mensen tot de ontdekking komen dat…DIt is voor mij evangelisatie…

  5. Een jaar of 20 geleden kreeg ik een evangelisch zaaierkrantje door de bus. Ik wist toen werkelijk niks van het evangelie. Na het lezen ervan dacht ik: “het lijkt me toch wel mooi om te kunnen geloven.” Achteraf heb ik dat krantje gezien als woorden van God die me hebben geholpen om Jezus te vinden.

    Daarom denk ik dat die woorden op het bushokje zeker kunnen meewerken om Jezus te vinden.

  6. Ik ben niet gelovig en ik erger me groen en geel aan die posters.
    Ik ben zelfs op dit blog gekomen omdat ik de achtergrond wil weten van die posters en wil kijken of ik er ergens tegen kan protesteren. Normaal houd ik me niet zo bezig met geloof, ik laat ieder in zijn waarde, maar van dit soort opdringerige acties wordt ik regelrecht militant. Uw artikel heeft het dus bij het rechte eind.

    1. Snap ik.hoop wel dat je die film waar Anton het over heeft gaat kijken,dat is namelijk wel iets wat je hart kan raken,en je aan het denken kan zetten,geluk!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *