D(eetman)-Day: mijn eerste indrukken

Wanneer je, zoals ik, vóór het verschijnen van het Deetman-rapport een boek geschreven hebt waarin de misbruikschandalen binnen de katholieke Kerk een prominente rol spelen, dan kijk je natuurlijk met bijzondere belangstelling uit naar dat rapport. Het kan zomaar gebeuren dat je je boeken van de schappen moet laten halen omdat alles wat je erin beweert door de feiten ingehaald is. In Van klokken en klepels kon ik nog zeggen: we kennen de precieze omvang van het probleem nog niet, we weten niet of het meer of minder voorkomt in katholieke kring, enzovoort. Maar sinds afgelopen vrijdag gaat die vlieger niet meer op – het was D-Day, Deetman-Day, het langverwachte uur van de waarheid… Nu ik de samenvatting en flarden van het complete rapport gelezen heb en de verslaggeving erover een beetje gevolgd heb, concludeer ik alvast voorzichtig dat mijn boek in de schappen mag blijven liggen.

Het zou wat al te voorbarig zijn om stellige meningen te verkondigen over het rapport van Deetman, of de implicaties voor Kerk en samenleving. Wel wil ik enkele van mijn indrukken delen van de ontvangst van het rapport. Gewoon wat losse dingen die mij opvielen in de reacties en verslaggeving. Ik geef onmiddellijk toe dat het maar details zijn, ogenschijnlijk futiel in het licht van de gruwelen van het misbruik zelf. Maar in mijn optiek zijn het toch betekenisvolle details, die de moeite van het opmerken waard zijn.

1. Het decor van Nieuwsuur

Ik viel vrijdagavond in het debat over deze kwestie bij het NOS/NTR-programma Nieuwsuur. Over de inhoud zal ik me verder niet uitspreken. Wat me vooral verbaasde was de vorm, de entourage. Het debat met onder meer Wim Deetman, Mgr. Eijk en een aantal misbruikslachtoffers werd gehouden in een decor dat op het interieur van een katholieke kerk moest lijken; met manshoge kaarskandelaren en glas-in-loodramen.

Het trof mij als een bijzonder smakeloos detail. Past een dergelijk frivool decor bij een serieus programma over een uitermate ernstig onderwerp? Zou een soortgelijke uitzending over, ik noem maar wat, seksueel misbruik op kinderdagverblijven ook aangekleed worden met schommels en klimtoestellen? Wordt de studio opgetuigd als moskee wanneer een terreuraanslag door moslimfundamentalisten het onderwerp van de uitzending zou zijn?

Ach – zo kun je zeggen – waar maak je je nou druk om? Het is maar een decor, en het is immers televisie, dus er moet toch íets te zien zijn. Ja, maar waarom is er dan precies gekozen voor stereotypische gotische kerkattributen? Wat heeft het interieur van een kerkgebouw überhaupt met het misbruik te maken? Het misbruik had hoofdzakelijk plaats in internaten, in schoolgebouwen, in slaapzalen, in kleine kamertjes – niet in kerkgebouwen. Toch worden verhalen over misbruik in tv-programma’s en ook in gedrukte media vaak geïllustreerd met beelden van zwaaiende wierookvaten, met ontstoken kaarsen bij heiligenbeelden, met priesters in liturgische gewaden, met plechtig kijkende misdienaars, kortom met beelden die verwijzen naar de Heilige Mis. Dat de lelijkste kanten van de katholieke Kerk getoond worden, daar heb ik geen enkel bezwaar tegen – maar het stoort me wel dat die steevast geïllustreerd en dus geassocieerd worden met de mooiste kanten van de Kerk. Wat voor katholieken heilig is, krijgt zo automatisch een aura van sinistere schijnheiligheid.

Dat is een oude truc, waar tegenstanders van de Kerk al eeuwen gretig gebruik van maken: koppel consequent het heiligste van de groep die je zwart wil maken aan het onheiligste naar de eigen of algemene maatstaven. In de anti-paapse propaganda die sinds de verlichting en reformatie een populair literair genre zijn geworden zie je dat voortdurend: niet alleen worden priesters en geestelijken stelselmatig als perverselingen of geweldenaars voorgesteld, maar ze begaan hun gruweldaden ook nog bij voorkeur tijdens schimmige rituelen, in de schaduw van een bloederig kruis, in door kaarsen verlichte kerken, terwijl men onheilspellende Latijnse bezweringen murmelt. Het is de succesformule van een lange stoet anti-katholieke auteurs, van Markies de Sade tot en met Dan Brown. De duistere kanten van de Kerk worden daarmee allerminst aan het licht gebracht (dergelijke fantasieën zeggen doorgaans meer over de zieke geest waaraan ze ontsproten zijn). Nee, de lichte kanten van de Kerk – de vreugde van de sacramenten, de weelderige bloemen van de liturgie, het hemelse Gregoriaans, de wijze woorden en liefdevolle daden van de eeuwenoude kloosterordes – worden zo moedwillig verduisterd.

2. De bloeddorst van de columnisten

Nu we het toch over dubieuze vormen van anti-papisme hebben, wil ik ook even de hatelijkheden van enkele opiniemakers aankaarten. Vooraf: dat de Kerk niet op applaus hoeft te rekenen in deze hele affaire lijkt me evident. Kritische vragen en opmerkingen zijn zeer op hun plaats, hoon en woede zijn te begrijpen en tot op zekere hoogte te rechtvaardigen. Voor cartoonisten en columnisten – immers de commentatoren die het minste aan de nuance gebonden zijn – zijn dit gouden tijden, want zij kunnen hun rancune de vrije loop laten. Daar wil ik dan ook zeker niet flauw of kleinzerig over doen. Wie vandaag de dag als katholiek nog lange tenen heeft, mag verwachten dat die eerdaags met een stoomwals van terechte en onterechte kritiek platgereden worden.

Maar mag ik desalniettemin de aandacht vragen voor enkele ongegeneerde scheldpartijen van de columnistieke voorhoede van ons land? Te beginnen bij Youp van ’t Hek die in NRC zijn geile fantasieën de vrije loop mocht laten en onder meer schreef:

“(…) hoe zat het met de jongetjes? De misdienaars die door de heren massaal bepoteld werden in de kast van de sacristie? De hosties en de monstrans stonden te trillen op de plank omdat de zwetende geestelijke de natuur zijn gang liet gaan? De natuur? Zijn natuur! Met wierook werd de geur van het seksueel misbruik verdrongen.”

Ik haal dit citaat enkel aan omdat dit prima de demagogische truc illustreert die ik hiervoor al schetste; de consequente associatie van het heiligste met het onheiligste. Maar waar het me eigenlijk om gaat is de volgende stap in de redenatie van Van ’t Hek. Zwartmaken is voor iedere demagoog immers slechts een middel, geen doel op zich. Ook bij Van ’t Hek komt de aap al snel uit de mouw:

Wordt het niet tijd dat de overheid ingrijpt? Dat we dierenpolitieagenten (op zijn Limburgs ook wel Animal Cops genoemd!) vrijmaken om het roomse seksueel misbruik op te sporen en de daders te arresteren. Is dit niet het moment om sowieso de R.-K. Kerk te verbieden omdat het verplichte celibaat seksueel misbruik van onschuldige kinderen massaal in de hand werkt? Weg met die smeerlappen. Het celibaat is ondoenlijk, dus of andere regels of weg met deze viespeukenorganisatie!

De staat – voor elke demagoog de hoogste autoriteit – moet ingrijpen, dat is op zich nog niet het meest verrassende deel van het betoog van Van ’t Hek. Evenmin is het verrassend dat hij vindt dat daders moeten worden opgespoord (wel een saillant detail dat dat volgens hem door Animal Cops moet gebeuren… ook een beproefde truc; de vijand voorstellen als gelijk of zelfs minderwaardig aan dieren). Het eigenlijke doel van zijn zwartmakerij volgt daarna, en wordt bijzonder agressief geformuleerd: niet alleen de daders moeten gepakt en gestraft worden, nee, de hele Kerk, die ‘viespeukenorganisatie’, moet verboden worden.

Bert Wagendorp volgde in de Volkskrant ongeveer hetzelfde demagogische stramien. Eerst beschreef hij op plastische, verlekkerde wijze allerlei voorbeelden van misbruik door “seksbeluste pijdragers”. Om te besluiten met een pleidooi dat erop neerkomt dat katholieken voortaan hun mond maar moeten houden. Ik citeer de slotregels:

Geen stichtelijk woord meer, geen moralistisch vertoog of leidraad voor de gelovigen, geen encyclieken: gewoon de hypocriete bekken een hele tijd potdicht – liefst voorgoed.

In mijn boek had ik reeds gewezen op het merkwaardige feit dat velen het seksueel misbruik aangrijpen om de moraal aan te vallen. Mij lijkt het logischer om de moraal aan te grijpen om het misbruik aan te vallen. Maar nee, de moraal moet er volgens Wagendorp het zwijgen toe doen. Nu ben ik best gevoelig voor oprechte pleidooien voor een bescheiden zwijgen van de zijde van de Kerk. Maar zulke pleidooien zijn naar mijn mening alleen geloofwaardig uit de mond van katholieken zélf. Wanneer een rabiate anti-katholiek katholieken toe begint te snauwen dat zij “liefst voorgoed” de “hypocriete bekken” dicht moeten houden, dan ben ik toch geneigd mijn mond open te doen in bescheiden protest.

Nogmaals, we moeten niet kleinzerig zijn. Maar wat zijn de columns van Wagendorp en Van ’t Hek anders dan een onverholen oproep om een complete bevolkingsgroep de mond te snoeren? Natuurlijk, zelf zullen zij zich verweren door te zeggen dat zij het louter over de kerkleiding hebben, over ‘het instituut’, de ‘machtdragers’ of andere abstracties. Maar het is een vals onderscheid in een Kerk die gemaakt en gedragen wordt door allen. En een glijdende schaal bovendien, zo leert de geschiedenis: het zijn altijd abstracte grootheden die als eerste door giftige woorden worden getroffen, maar het zijn steeds concrete mensen die als gevolg daarvan door giftige pijlen gevloerd worden.

3. De vertekening van het probleem

Het rapport-Deetman is een kloek boek, en ik snap dat media niet alles kunnen behandelen wat er in staat. Maar ik heb me toch wel verbaasd over de selectie die gemaakt is. Ik heb veel gehoord en gelezen over de kritiek van Deetman op bisschoppen en oversten van religieuze ordes – en dat lijkt me een vanzelfsprekende keuze. Waarom echter is er zo weinig aandacht geweest voor de kritiek van Deetman op de media zélf?  De conclusies aangaande de rol van de media liegen er namelijk niet om:

“Het beeld van seksueel misbruik in de Rooms-Katholieke Kerk dat in de media is opgeroepen is vertekend. (…) Het beeld dat seksueel misbruik van minderjarigen een zaak is geweest die vooral de Rooms-Katholieke Kerk betreft is onjuist.” (Volledige rapport, p. 77).

Een vlugge zoektocht op een nieuwsvergaarbak op internet leverde mij maar één artikel op waarin van deze conclusie überhaupt melding wordt gemaakt (en dan nog uiterst summier, tegen het einde van het artikel), op de site van BNR Nieuwsradio. Voor de rest gaan media massaal verder met precies datgene doen dat de commissie-Deetman hen verwijt; doen alsof het hoofdzakelijk een probleem van de katholieke Kerk is. Als een mantra wordt overal het ontstellende cijfer herhaald van ‘tussen de 10.000 en 20.000′ minderjarige slachtoffers van misbruik door geestelijken tussen 1945 en 1985. Beduidend minder belangstelling is er voor een nog ontstellendere boodschap die van de pagina’s van het rapport afspat; dat de ware omvang van het probleem veel groter is, veel breder dan alleen de katholieke Kerk. Deetman herinnert óók aan de ontluisterende statistiek van de Gezondheidsraad, dat in ons land ieder jaar 100.000 kinderen mishandeld worden – geestelijk, lichamelijk of seksueel. Dat poetst de schandvlek van de 10.000 à 20.000 over een periode van veertig jaar niet weg, maar plaatst die wel in een ander perspectief. Nog een citaat uit het rapport-Deetman:

“In de eerste plaats moet geconstateerd worden dat een aanzienlijk deel van de Nederlandse bevolking van veertig jaar en ouder aangeeft voor zijn of haar achttiende jaar tegen zijn of haar zin seksueel te zijn benaderd door een volwassen niet-familielid. Bijna een op de tien Nederlanders (9,7 procent) van boven de veertig heeft blijkens het onderzoek daarmee te maken gehad. (…) Geconstateerd moet worden dat ervaring met ongewenste seksuele benaderingen voor het achttiende jaar door volwassen niet-familieleden een breed voorkomend maatschappelijk verschijnsel vormt dat beslist niet beperkt is gebleven tot de Rooms-Katholieke Kerk.” (Volledig rapport, p.67-68)

Eén op tien, en dan is misbruik door familieleden niet eens meegeteld – en alle onderzoeken wijzen erop dat dat nog de grootste groep is ook. Nogmaals, dit pleit de katholieke Kerk allerminst vrij. Maar door zo exclusief te focussen op Kerk verliezen we het bredere en niet minder urgente perspectief op de problemen en verantwoordelijkheden van de samenleving als geheel.

4. Het eeuwige celibaat

Niemand wordt graag met zijn eigen fouten en verantwoordelijkheden geconfronteerd. Veel liever geven we iets of iemand anders de schuld. We zoeken een bokje uit, het liefst het bokje dat er toch al een beetje raar uitzag of mank liep, we beladen dat bokje met alle zonden van de gemeenschap en schoppen het beest vervolgens met sadistisch genoegen de woestijn in. Oprotten jij. Opgeruimd staat netjes, daar zijn wij toch mooi van af. Het zal geen verbazing wekken dat met het offeren van de zondebok de zonden nooit écht weggaan en wegblijven. En mocht iemand er op wijzen dat het bokje onschuldig is – we horen hem niet, of we verstaan hem verkeerd…

Het bokje in dit gruwelijke dossier heet het celibaat. Onvermoeibaar hebben opiniemakers erop gewezen dat het allemaal komt door dat verrekte celibaat. Dat is toch ook niet gezond, die mannen kroppen vanalles op, en als dat er dan uit komt, nou…! Die opinie presenteert zich altijd met een air van onaantastbare logica en vanzelfsprekende rationaliteit. Maar gek genoeg zijn de mensen die dit steeds maar weer beweren voor geen rede vatbaar. Dat geen enkel wetenschappelijk onderzoek de relatie tussen celibaat en misbruik kan bevestigen, sterker nog, dat menig onafhankelijk deskundige die relatie al met klem heeft tegengesproken – dat horen ze niet, of verstaan ze verkeerd.

Ook het rapport van Deetman maakt gehakt van deze opvatting. Maar weer eens een citaat:

“Dat het celibaat dé verklarende factor zou zijn voor de mate waarin binnen de Rooms-Katholieke Kerk seksueel misbruik voorkomt – een gedachte die zowel in de media als in kerkelijke kring geuit is – is een stelling waarvoor geen wetenschappelijke onderbouwing bestaat.” (Samenvatting, p. 18).

Het rapport maakt vervolgens nog wel een voorbehoud: dat wil niet zeggen dat er per se geen verband bestaat. Celibaat kán in bepaalde gevallen leiden tot seksuele ontsporingen, wanneer de geestelijke in kwestie er onvoldoende op voorbereid is. Logisch.

Maar wat kopte Nu.nl direct na de presentatie van het rapport? ‘Celibaat verhoogt risico op seksueel misbruik’. Nog los van het bizarre feit dat de celibaatskwestie als het belangrijkste punt uit het rapport wordt gepikt, is de kop ook ronduit misleidend, om niet te zeggen: een glasharde leugen die zich uitstrekt tot in de bovenste puntjes van de aanhalingstekens. De wetenschappelijke voorzichtigheid van Deetman bij het concluderen dat er geen relatie tussen celibaat en misbruik aan te tonen is, wordt hier verbasterd tot de stellige bewering dat celibaat het risico op misbruik verhoogt.

Of kijk nog eens naar de schuimbekkende tirade van Van ’t Hek die ik hierboven citeerde: ook hij beweert na lezing van het rapport zonder blikken of blozen dat het verplichte celibaat “massaal” misbruik van kinderen in de hand werkt.

In een ander, subtieler opzicht vormt het celibaat misschien wel het hart van het schandaal… niet dat het het misbruik veroorzaakte, maar het veroorzaakte wel mede de blinde en onredelijke woede jegens de Kerk. Het celibaat is velen om onduidelijke redenen een doorn in het oog, een eeuwige ergernis, een dissonant – inderdaad, een steen des aanstoots, een skandalon (dat alleen al is een reden om het te koesteren!). Onze samenleving lijdt aan een pathologische vorm van celibaatshaat. Die wonderlijke geestelijke aandoening vraagt om diepere (zelf-)analyse; niet om afschaffing van datgene waar velen zich zo compulsief aan storen. Je pleit toch ook niet voor het afbreken van pleinen omdat er mensen met pleinvrees bestaan?

5. De roep om ‘symbolen’

Ik hoop dat al het voorgaande invoelbaar maakt waarom ik enigszins kriegel wordt van de veelgehoorde roep om allerlei symbolische gestes van kerkelijke zijde. Tijdens de voorgenoemde Nieuwsuur-uitzending zanikte Twan Huys maar door over het mogelijke aftreden van bisschoppen, alsof hij hoopte dat aartsbisschop Eijk ter plaatse in arren moede had geroepen: “Weet je wat, ik treed af, dan ben ik tenminste van jouw gezeur af.” Sowieso erger ik me groen en geel aan de neiging van pers en publiek om de Kerk langs de miezerige meetlat van onze staatsinrichting te leggen, waarbij de paus de premier is en de kardinalen en bisschoppen zijn ministers en staatssecretarissen, met de Bijbel als hun regeerakkoord. Het is erg genoeg dat we de Haagse hofvijver als het middelpunt van het universum zijn gaan beschouwen; maar de fijnmazige realiteit van een eeuwenoude wereldkerk doe je er hoe dan ook nooit recht mee.

Maar nog los daarvan: waarom ik niet voor dergelijke ‘symboolpolitiek’ ben, is precies omdat het dat loze zondebokmechanisme voedt dat ik hiervoor beschreef. Er verandert niets door, het verzacht het leed van de slachtoffers niet; hooguit kunnen de bloeddorstige columnisten zich even verkneukelen om hun kleine triomf, terwijl het werkelijke probleem voortwoekert in het verborgene.

Ook ten aanzien van iets fijngevoeligere gestes die door welwillende katholieken zijn voorgesteld, zoals een soort openbaar boeteritueel, sta ik om dezelfde redenen sceptisch. Ik ben voor berouw, hou me ten goede. Ik ben voor welgemeende woorden en gebaren van boetvaardigheid. Maar moet dat per se met ritueel misbaar? Mgr. Eijk merkte terecht op dat dit door slachtoffers ook wel eens als theatraal en onoprecht ervaren kan worden. Maar dan daarbij: onze eucharistische liturgie, het kloppende hart van ons biddende leven, staat al bol van de boetedoening, van het belijden van onze tekorten, in woord en gedachte, in doen en laten… Is dat te gewoontjes? Laten we dan allereerst zorgen dat het niet meer gewoontjes is, dat we menen wat we steeds weer bidden. Denken anderen dat we het niet menen? Nou, dan zullen ze ook niet overtuigd zijn van de oprechtheid van de katholieke boetvaardigheid wanneer priesters en bisschoppen zich plat ter aarde werpen.

Laten we, in plaats van symbolische gebaren te maken, liever onze verantwoordelijkheid nemen. We, de Kerk, maar ook: we, de samenleving. Niet alsmaar wijzen naar anderen, en ons verliezen in irrationele speculaties en hatelijke tirades. Maar: het probleem erkennen als een probleem dat jezelf betreft en er vervolgens mee om proberen te gaan. Met alle kritiek die je kunt hebben op de vorm en inhoud ervan: dat is wel wat de katholieke Kerk op dit moment doet, met vallen en opstaan. Wie doet het haar na?

Nota bene

De laatste week is mij vaak, direct en indirect, de vraag gesteld of ik mij schaam voor ‘mijn’ Kerk. Ik vind het lastig die vraag te beantwoorden. Tegen die mensen die de vraag als verkapte beschuldiging hebben gesteld – ‘je moest je schamen’ – zeg ik: nee, ik schaam mij niet voor mijn Kerk; haar kwaden wil ik niet verdonkeremanen, maar ik weiger haar immense goedheid te laten verduisteren door botte haat en eenzijdige beschuldigingen. Wie werkelijk iets aan het licht wil brengen, brenge álles aan het licht.

Maar wie dezelfde vraag uit welgemeende belangstelling stelt, wie de vraag oprecht als vraag bedoelt, die wil ik wel vertellen dat ik me de ogen uit mijn kop schaam voor de gruwelijke dingen die ik in het rapport-Deetman heb gelezen, over seksuele perversies en bestuurlijke blindheid, nee, algehele blindheid… Ik voel me verbonden aan een Kerk die het heil van God, de liefde van Christus en het vuur van de Geest naar de uithoeken van de aarde zou moeten brengen… zou het mij dan niet kwetsen wanneer sommige van haar dienaren in plaats daarvan misère en verbittering brengen? Ik zeg dat ik me schaam tegen alle mensen die bereid zijn zich met mij mee te schamen, omdat ze net als daders en slachtoffers katholiek of überhaupt christen zijn, omdat ze net als daders en slachtoffers Nederlander zijn – of uiteindelijk omdat ze net als daders en slachtoffers mens zijn.

31 gedachten over “D(eetman)-Day: mijn eerste indrukken

    1. Beste Rianne, uit welke fragmenten in het stuk van Anton, maakt u op dat hij de “media overal de schuld van wil geven”. Dat heb ik dan blijkbaar over het hoofd gezien. Zou u mij dat eens willen aanwijzen ? Dank, bij voorbaat.

  1. Oh, oh, oh, die seculiere media toch. Maar kijk eens naar de katholieke media? Schoppen tegen de seculiere media, een stotterende Mariska de Haas en uzelf begint met bijna 500 woorden over details als een decor… Schamen, heel diep, ergens in een hoekje, bij voorkeur een hoekje met een glas-in-loodraam en een flinke kandelaar. Of verlies ik me nu te veel in de details?

        1. Ik kan mij, als trouwe lezer van het KN, niet herinneren dat het KN de grote media de schuld gaf. Nee, daarentegen zijn er wel artikelen verschenen, waarin misbruikslachtoffers het woord kregen en uitgebreid hun verhaal mochten doen: Zie: http://www.katholieknieuwsblad.nl/nieuws/item/1220-onverteerbare-zaken.html
          terwijl inderdaad veel lezers van het blad, zoals ondergetekende, daarentegen wel sceptisch zijn over de hoge aantallen, gezien het feit wat er allemaal tot “misbruik” is verklaard en gerekend het afgelopen jaar: “gluren”, “op schoot zitten”, “foto in Elseviers Magazine” etc.
          Wat overigens aan het échte misbruik niets af doet, op geen enkele manier ! Als men de zelfde kritische maat, die men voor de Kerk hanteert in de jaren 50 en 60 van de vorige eeuw, ten aanzien van het échte misbruik, doortrekt naar de andere segmenten van de samenleving van vandaag de dag, dan kan ik alleen maar heel verheugd zijn met de bestaande ophef. Maar dat zie ik voorlopig niet gebeuren.
          Als men dezelfde maat die men hanteert voor geestelijken uit de jaren 50 en 60 ten aanzien van het twijfelachtiger “misbruik” als gluren, en op schoot zitten, en foto’s kijken, wél doortrekt naar de huidige samenleving, dan maak de borst maar nat, want dan krijgen we een onleefbare samenleving. Dat zie ik al wel hier en daar gebeuren: mannen kunnen geen kinderopvang meer doen; iedere zoen van een man aan een kind roep inmiddels associaties op; op schoot nemen van een kind durven alleen nog de vermetelsten; en cabaretier Roue Verveer durft al geen buurmeisjes bij zijn zoon te laten spelen, want wat als het kind naar de WC moet? Dat risico is te groot.

  2. Amen. Helemaal eens.

    Deetman had grote aarzeling bij de presentatie van het rapport, om op basis van de harde gegevens tot een extrapolatie te komen van de “mogelijk” omvang van het misbruik. Feitelijk waren er 2000 aangiften en 800 daders. Hij achte het niet uitgesloten dat het totale aantal gevallen zou kunnen liggen tussen 10 en maximaal 20 duizend. 20 Duizend was dus op basis van het onderzoek de uiterste grens. Deetman waarschuwde nog om echter niet met de cijfers aan de haal te gaan.

    Nog dezelfde avond bij Een Vandaag werd uitsluitend gesproken over 20.000 slachtoffers. Er was niet één kritische vraag in de zin van: hebben we het begrip “misbruik” niet al te zeer verruimd om aan dergelijke cijfers te komen. Nee, de tendens was: ‘hoe maken we het nog erger dan het is’. Aan een kerkhatende “deskundige” werd de vraag voorgelegd: “zouden het er ook nog meer kunnen zijn dan 20.000?” waarop het weinig verbazing wekkende antwoord: oh, ja vast en zeker !

    Journalisten meten met twee maten: een voor de Kerk en een voor Journalisten en Artiesten. Jeroen Pauw wordt het als een verdienste aangerekend als hij zegt dat hij 250 vrouwen “gehad” heeft. Als hij Pastoraal Werker zou zijn geweest, dan was dat reden genoeg om de doodstraf in Nederland weer in te voeren.

    Bij de Wereld Draait Door wordt het bladeren door een boek, waarin een foto van een primitieve cultus bij de pygmeeën als “misbruik” gepresenteerd. Als Annemarie Oster twee weken later, in hetzelfde programma, vertelt hoe zij op 12 jarige leeftijd tongde met Ramses Shaffy, dan klinkt er een instemmend applaus. Was Rases Shaffy een 23 jarige priester geweest, dan was hetzelfde voorval goed voor 100.000 schadevergoeding en een “verwoest leven”; nu was het slecht illustratie hoe Ramses ‘midden in het leven stond’.
    Hoeveel van die 250 vrouwen van Jeroen Paus zullen zich misbruikt voelen ? Moet je eens opletten wat er gebeurd als er een meldpunt komt van de slachtoffers van niet katholieke artiesten en kunstenaars en journalisten. Alleen: dat meldpunt zal er nooit komen, want zij bepalen zelf de maat en wie goed zijn en wie fout.

    800 Daders over 70 jaar, en na 1970 bijna geen meldingen meer, terwijl het misbruik elders in de samenleving, overal nog welig tiert. Zo zie ik de uitkomsten nergens gepresenteert.

    Het is niet voor het eerst dat een hele bevolking wordt zwartgemaakt, zo zullen velen zich nog wel herinneren. En feiten, och wat zijn feiten? De Duitsers waren verantwoordelijk voor twee wereldoorlogen en 6 miljoen vermoorde Joden, en nog deed de Duitser Rolph Hochhuth een poging om de schuld in de schoenen te schuiven van een Italiaan die z’n hele leven inzette voor de vrede en het leven redde van ca. 860.000 Joden.
    Als de boodschap de heren maar welgevallig is, dan zijn feiten totaal niet relevant, zo blijkt.

  3. En wat het celibaat aangaat: Er is inderdaad een verband tussen celibaat en misbruik, maar een GUNSTIG verband: zowel een Amerikaans als Duits onderzoek wijst uit dat celibatairen zich significant minder schuldig maken aan misbruik. Alleen omdat er voor misbruik van geestelijken zo veel meer aandacht is in de media, dan voor het meest voorkomende misbruik, bestaat het omgekeerde beeld.

    Uit Amerikaans onderzoek – prof Thomas Plante, Santa Clara Univ. en verbonden aan Stanford – is gebleken, dat het percentage priesters dat jongeren misbruikt 2 tot 5 procent is. Het misbruik in de hele maatschappij ligt op zo’n 8 procent. (Zie NRC van 20-3-10). Dat zou betekenen, dat de priestergemeenschap, ondanks hun machtspositie t.o.v. de kinderen, zich in vergelijking tot mannen in de gewone maatschappij relatief beter weet te beheersen.

    De door de Duitse ‘Spiegel’ gepubliceerde cijfers over een Duits onderzoek naar seksueel misbruik door geestelijken liggen ver onder het gemiddelde. Dat zegt gerechtspsychiater Hans-Ludwig Kröber in een interview met het persbureau KNA. De geesteshouding waarin priesters leven beschermt hen ervoor daders te worden. Hans Ludwig Kröber, een Duitse gerechtspsychiater, schreef o.a. het Handboek der Forensische Psychiatrie; hij stelde vast dat celibatair levende mannen zoals priesters of kloosterlingen 36 keer minder misbruik plegen dan ‘normale’ mannnen; anders gezegd de kans dat kinderen thuis, op school, sportclub, zwembad, padvinderij in aanraking komen met misbruik is 36 keer groter dan in contacten met celibatair levende mannen.

    En opnieuw het bewijs dat feiten er niet toe doen: want de media proberen mensen toch steevast het omgekeerde idee te doen geloven.

  4. Ik lees hier niet verder meer. Krijg pijn in mijn buik van alle vergoelijkingen, wordt er misselijk van.

    Een kerk zou een plaats van veiligheid moeten zijn. Juist geestelijken moeten kinderen een veilige plek kunnen bieden. En dan maakt het voor mij niet uit of dit procentueel allemaal wel mee valt. Ziek en misdadig is het om een kind te misbruiken. En ja, ik vind als je pretendeert de Heer te dienen en hiervoor een “uniform” draagt, je een voorbeeld functie hebt. En ja, dat geldt in mijn optiek voor alle gezagsdragers dus ook en vooral voor geestelijken.

    En dan interesseert mij Duits forensisch onderzoek geen reet: er wordt misbruik gepleegd (en Deetman heeft hiervoor m.i. de definitie eerder krapper dan breder gemaakt), tot in de hoogste regionen wordt er over gelogen en er wordt 1 grote doofpotaffaire van gemaakt.

    En ja, als een zwemleraar kinderen misbruikt, wordt hij daarvoor vervolgd. Als het in de kerk gebeurt, wordt er net zo lang over gezwegen of gelogen totdat de misdaden zijn verjaard. “Wir haben es nicht gewusst”. En dat misbruik op andere plekken ook plaats vindt mag NOOIT reden zijn om te roepen dat het op een veilig gewaande plek minder erg is omdat ergens anders erger is.

    Dat is hetzelfde als zeggen dat het vergassen van zigeuners in WOII minder erg was dan Joden: het waren er immers een stuk minder.

    Bah.

    1. “Een kerk zou een plaats van veiligheid moeten zijn. Juist geestelijken moeten kinderen een veilige plek kunnen bieden. En dan maakt het voor mij niet uit of dit procentueel allemaal wel mee valt. Ziek en misdadig is het om een kind te misbruiken. En ja, ik vind als je pretendeert de Heer te dienen en hiervoor een “uniform” draagt, je een voorbeeld functie hebt. En ja, dat geldt in mijn optiek voor alle gezagsdragers dus ook en vooral voor geestelijken.”

      Tot zover ben ik het helemaal met u eens. En het verheugt mij dat u dit zo ziet, want dat betekent dat u enige weet hebt van het feit wat de Kerk echt is en wil zijn.

      Voor het overige kletst u uit uw nekharen (u ziet ik ga met de tijd mee).

      Wel zou ik er ook voor hebben gekozen, om alle gevallen van misbruik niet zelf als Kerk te onderzoeken, maar aan justitie over te laten. De Kerk is namelijk veel te goed gelovig en goedgeefs. Justitie gelooft aangevers niet op hun blauwe ogen (omdat ze wel beter weet; vele rapporten bevestigen die houding van justitie).

      Justitie vraagt om “strafbare feiten”, de Kerk betaalt voor alle beschuldigingen;
      Justitie past geen ander wet toe voor priesters, dan voor anderen: verjaard is verjaard; de Kerk betaald ook voor verjaarde gevallen;
      Justitie eist “bewijzen”, de Kerk betaalt ook voor “wel geloofwaardig”;
      Justitie kent redelijke en gebruikelijke schadevergoedingen toe; de Kerk keert veel meer uit dan nodig zou zijn. En versta mij goed: échte slachtoffers moeten wij als Kerk en Samenleving op allerlei mogelijk manieren bijstaan: ik heb dan ook geen bezwaren tegen de hoge uitkeringen voor het echte misbruik. Waar ik wel slecht van slaap is dat mensen met zwaar overdreven kletsverhalen, meestal ten koste van de goede naam van inmiddels lang overleden personen, geld weten binnen te slepen. Maar die nuancering alleen al, bezorgt u uiteraard al weer buikpijn. Wel, ik kan u geruststellen: ik heb het afgelopen jaar ook nog al eens buikpijn gehad.

  5. de eerste indruk was en is dat het onderzoek van Deetman zeer goed in elkaar steekt en ook genuanceerd. Om hiermee voor Kerstmis mee voor de dag te komen is een ongelukkige tijd. Priesters en andere pastorale werkers die in het veld werkzaam zijn ondervinden de gevolgen: hevige emotionaliteit bij mensen die sterk met de kerk verbonden zijn, wat ook vaak niet beheersbaar is . De pers heeft inderdaad een cruciale rol gespeeld bij het opkloppen van emoties. Voor bisschoppen en religieuzen een haast onmogelijke opgave om met het gevoel van çollectieve schuld’ om te gaan. Het raakt vooral de ouderen. Jongeren reageren hier nauwelijks op en kijken toch meer naar de toekomst. Ook ik vind dat waar mensen persoonlijk leed met zich meedragen opgevangen moeten worddn, maar dat wij ook weer eens onze blik moeten richten op de toekomst. Het geloof in Christus brengt ons ook weer dichter wat de Kerk wil zijn en moet zijn.

  6. Goed stuk dat – zonder ook maar iets te vergoelijken – de zaken in het juiste perspectief plaatst. De verontwaardiging over het misbruik is zeker terecht, maar de focus op de Kerk maakt het in de pers tot selectieve verontwaardiging. Er is veel dat de Kerk zich mag aantrekken, dat vinden we allemaal terug in het rapport van Deetman. Zo mogen ook de media zich het een en ander aantrekken, niet dát ze over het misbruik berichten (daarvoor hulde), maar hóe ze het doen. Men mag vinden dat de Kerk voorlopig een toontje lager mag zingen, maar geldt dat ook niet voor een Youp van ’t Hek? Wie heeft zijn huwelijk – en daarmee de omgeving waarin zijn kinderen opgroeien – in gevaar gebracht door een affaire te beginnen met een (ik gebruik even zijn vocabulaire) uitgewoond tandartsteefje? Inderdaad, dezelfde man die jaar in jaar uit de spot drijft met mannen in een midlife crisis. Ook hem past dus nederigheid.

  7. Deetman heeft voor de RK gewerkt heeft tijd gerekt en bij naderinzien dat het er zoveel waren op de verjarings knop deduwd.
    Misbruik RK gaat gewoon door.
    RK is gewoon een misdadige organisatie die altijd door oplichting haar geld heeft verdiend,in het verleden door de mensen te laten betalen voor een plek in de hemel en tegenwoordig door hun schijnheilig het vertrouwen proberen te winnen van naive mensen.
    Helaas wij weten allemaal inmiddels dat God niet bestaat en dat het verhaal van Jesus Christus het verhaal van Julius Ceasar is.
    Ik wil niet geloven in een Romeise kijser Julius Ceasar en deze misdadiger als een God te aanbidden.

  8. goed artikel…..ik heb mij ook mateloos verbaasd over Youp van t Hek. Het ergste is nog dat hij zich al jaren opwerpt als een moraalridder van het ergste soort….Maar was het niet Youp die vreemdging en het vertrouwen van zijn vrouw MISBRUIKTE?? En was die buitenechtelijke verhouding ook niet een misbruik. (hij is immer een bn’er) En toen shownieuuw en Jeroen Pauw hem daarover wilde bevragen, toen werd Youp boos…..de kerk moet goed aangepakt worden en slachtoffers geholpen….maar niet door zo’n hypocriete schreeuwlijk als Youp!!

  9. ik vind trouwens wel dat de gelovigen zelf akelig stil blijven….het zou goed zijn als we een flash mob zouden kunnen organseren met 10000 mensen op het maliveld!! Gewone katholieken die een gewone goede kerk willen zijn…en die eisen dat bisschoppen stappen zetten……Waarom worden die daders niet ge-excommuniceerd??? Waarom mogen zij nog sacramenten ontvangen en hertrouwde gescheidenen niet??? hebben zij een grotere misdaad begaan???? Kom op bisschoppen….leg die mannen een straf op!!!!

    1. Andre van Aarle roept de bisschoppen op om de hoogbejaarde daders van het misbruik te straffen ! Hij maakt daarbij gemakshalve ook geen onderscheidt in aard en omstandigheden van het misbruik.

      Er is één probleem: Jezus Christus, in Wiens dienst de bisschoppen zijn, heeft de bisschoppen opgeroepen om kwaad niet met kwaad te vergelden; om genade voor recht te laten gelden; om mensen niet te oordelen opdat je zelf niet geoordeeld wordt; om mensen niet af te schrijven; om mild te zijn voor zondaars: hoeren, tollenaars & misbruikers; om zondaars zeventig keer zeven keer hun fouten te vergeven.

      Als ik moest kiezen als bisschop tussen Andre van Aarle en Jezus Christus, dan was voor mij de keuze snel gemaakt.

        1. “Jesus Christus = Julius Ceasar oud Romeins dictator.”
          Leuk.
          En, oh ja, Francis Bacon was al William Shakespeare.
          Ook leuk.
          En dan ben ik Albert Einstein.
          Ik houd wel van een verkleedpartijtje op z’n tijd.
          Moeten we alleen nog een rol verzinnen voor W. Sillen.
          Wie wilt u graag zijn ?
          Ik weet iets: u bent Johann Huizinga, onze grootste cultuurhistoricus. Gaaf.
          Het wordt hoe langer hoe gezelliger op de site bij Anton.
          Hé Anton. Doe je ook mee, dan mag jij de paus zijn !

          1. ……het gaat helemaal nergens meer over….wat een verspilde energie deze uitingen van zogenaamde meningen. Je geliefde zal maar slachtoffer zijn. Slachtoffer van daden veroorzaakt door zogenaamde Christenen. Katholieke leiders waar “men” tegen op keek, waar “men” respect voor had. Respect wat afgedwongen werd door een machtig uitziend “uniform”. Hoe zet je dit soort respect af tegen levenslang? Want levenslang hebben de werkelijke slachtoffers.

  10. Anton, bedankt voor jouw goede en genuanceerde stuk. Je verwoordt de woede, de machteloosheid en het verdriet waar ik de afgelopen week mee heb rondgelopen. Heel herkenbaar. Ook het gevoel van schaamte en de moeite die ik heb met het concept van collectieve schuld.
    Ik heb via een klacht bij de Volkskrant contact opgenomen met Bert Wagendorp en ik kreeg van hem precies de reactie terug die jij beschrijft: het ging hem niet om de ‘gewone’ katholieken, maar om de kerkleiding. Bovendien moeten, volgens Bert Wagendorp, katholieken de agressie van de columnisten maar leren verdragen, want de geschiedenis van de RK-kerk staat bol van het geweld en de agressiviteit.
    Tja, het heeft denk ik geen zin daar verder op in te gaan.

    Wat wel zin heeft? Dat jouw stuk geplaatst wordt in een van de dagbladen. Heb je dat al geprobeerd of ben je dat van plan?

  11. Ik vraag me af: deze mensen die zo fel tegen de Kerk (en de priesters en de Anton de Wits, etc.) reageren, hebben ze ooit met een slachtoffer gesproken????

    1. Het stuk van Anton is genuanceerd zoals Anton is, en sommige observaties (zoals het gekkige decor bij Nieuwsuur) terecht, maar mij veel te veel ‘de media hebben het gedaan’.

      Ik kan dat vooral beamen om dat ik geregeld met misbruikslachtoffers spreek en die gruwen van opinies, zoals verwoord door Anton nu doet. Zij zouden zeggen: Niks media, niks decor, dat zijn afleiders van de kwestie dat de kerk heeft gefaald in de aanpak van een zeer serieus probleem. Deetman noemde dat vandaag bij Kruispunt Radio opnieuw.

      De reactie van Bert Wagendorp vind ik terecht: we moeten niet zulke lange tenen hebben en meer volwassenheid tonen rond religiekritiek.

      Zolang ‘wij’ katholieken moeite hebben om bijvoorbeeld daarmee om te gaan en vooral naar de grote boze wereld wijzen, wordt het nooit wat.

      We praten veel, we wijzen veel en hebben kritiek op elkaar en met grote woorden als ‘verantwoordelijkheid nemen’ zwaaien, maar we doen ondertussen zelf niets met of voor slachtoffers.

      Pijnlijk.

  12. Anton,

    Een heel gedegen en genuanceerd artikel. Het zou te wensen zijn als mensen zoals jij eens op tv zouden verschijnen als commentator ipv Peter Nissen of Frank Bosman

  13. helemaal niet lekker makkelijk om de media de schuld te geven,de media slaat als spreekbuis van de hedonisten gemeen en onder de gordel terug voor alle terechtwijzingen en spel-bedervende waarschuwingen van de kerk van de afgelopen eeuwen.
    Maar de wal keert het schip;overdaad schaadt,het komt allemaal erg gefrustreerd en eenzijdig over op mij(en velen)

  14. Eind maart. Hoi Anton. Het ziet er naar uit dat Joep Dohmen zich ook vergaloppeerd heeft met zijn onthullingen over castratie in opdracht van de kerk.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *