Luisterdieet

(Stravinsky, Psalmensymfonie, 1e beweging, Ps. 39:13-14)

Zoals ik eerder schreef heb ik voor deze vastenperiode een smakelijk en voedzaam leesdieet samengesteld. Gaandeweg is daar ook een luisterdieet bijgekomen. Want bij een boek lezen op de bank, daar hoort een muziekje bij. Dat kan op zich van alles zijn. Maar ik merk dat ik de laatste weken een voorkeur heb ontwikkeld voor een specifieke cd die ik nog niet zo lang heb, maar nu al grijsgedraaid heb: een cd met sacrale muziek van Igor Stravinsky (in deze uitvoering, gedirigeerd door James O’Donnell). De drie audiobestanden die ik in deze tekst gevlochten heb zijn trouwens de allereerste uitvoering van de Psalmensymfonie uit 1931, gedirigeerd door Stravinsky zelf. Een historische opname dus. 

(Stravinsky, Psalmensymfonie, 2e beweging, Ps. 40:2-4)

We vergeten nogal eens dat er in de moderne tijd – pakweg na J.S. Bach en voor Arvo Pärt – ook prachtige religieuze muziek is gemaakt. De Psalmensymfonie en de Canticum Sacrum van Stravinsky zijn daar een uitstekend voorbeeld van. Wat een meeslepende schoonheid, wat een diepgang! Mooi ook hoe de keuze van psalmen een beweging van donker naar licht laat zien; van de onrustige wanhoop van Psalm 39 (“Luister naar mijn roep om hulp, blijf niet doof voor mijn geweeklaag”), via de verhoring van die smeekbede in Psalm 40 (“Hij trok mij omhoog uit het rampzalige graf, omhoog uit slijk en moeras”), naar de totale, overweldigende vreugde van de 150e en laatste Psalm (“Ja, iedereen die adem heeft, loof de HEER!”).

Ook historisch bezien is dit trouwens een razend interessante compositie. Het waren de late jaren ’20 en vroege jaren ’30, toen het fascisme opkwam dat hem uiteindelijk naar de Verenigde Staten zou verjagen (zijn werk werd door de nazi’s als ‘entartet’ bestempeld). De sacrale muziek van Stravinsky kun je als reactie zien op het werk van die grote romantische componist waarmee de nazi’s zo hartstochtelijk dweepten: Richard Wagner. Stravinsky waardeerde Wagner als componist, maar gruwde van de wijze waarop hij kunst tot religie verhief en het theater tot tempel maakte – ‘heiligschennis’, noemde Stravinsky dat. En terecht: wie de film Mephisto uit 1981 heeft gezien (of het gelijknamige boek van Klaus Mann heeft gelezen natuurlijk) weet hoe deze opvatting van kunst-als-religie in het nazisme tot een demonisch dieptepunt werd gebracht. 

Stravinsky draait de verhouding om: muziek wordt bij hem geen religie, maar religie wordt muziek. Over zijn Psalmensymfonie schijnt hij gezegd te hebben: “It is not a symphony in which I have included Psalms to be sung. On the contrary, it is the singing of the Psalms that I am symphonizing.” De muziek is hier dus dienstbaar aan de religieuze boodschap. Deze symfonie heeft daarom een duidelijk liturgisch karakter, net als de andere composities die op mijn grijsgedraaide cd te vinden zijn (naast de al genoemde Canticum Sacrum ook een complete mis, plus een Pater noster, Credo en Ave Maria).

(Stravinsky, Psalmensymfonie, 3e beweging, Ps. 150)

Opmerkelijk is verder dat deze belijdend Russisch-Orthodoxe componist koos voor Latijnse teksten, de Rooms-Katholieke ritus en een moderne westerse instrumentatie (het gebruik van muziekinstrumenten is in de Oosters-Orthodoxe liturgie sowieso verboden). Vele verrassende bruggen slaat Stravinsky dus met zijn sacrale muziek, die de rest van deze vastenperiode niet uit mijn cd-speler te branden zal zijn.

1 gedachte over “Luisterdieet

  1. Pingback:Het eeuwig nieuwe verhaal « Geloof jij het?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *