This Theme Supports a Custom FrontPage

Soefi’s, salafisten en andere simplismen

Soefi’s, salafisten en andere simplismen

Twitteraars lijken in tenminste dit opzicht op IS-terroristen: ze zijn koppensnellers. Het is me vaker opgevallen: je deelt een artikel, en velen staan direct klaar om met een bot mes de kop eraf te snijden en die triomfantelijk in de lucht te houden. Het corpus van de tekst stort levenloos en ongelezen ter aarde. Dat lot ondervond ook mijn recent verschenen interview met de Vlaamse theoloog Jonas Slaats in het maandblad Volzin: op sociale media werd het gedeeld onder de kop ‘Islamofobie is racisme van nu’, en prompt begonnen verscheidene opgewonden kwetteraars zich druk te maken over die kop – onzin, kwetter kwetter, de islam is een geloof, geen ras, kwetterdekwet! Hadden ze het artikel maar gewoon gelezen, dan hadden ze gezien dat Slaats een interessante denker is die (ongeacht of je het met hem eens bent) boeiende observaties over de islam doet.

Lees verder OverSoefi’s, salafisten en andere simplismen

God woont niet op het kalifaat

God woont niet op het kalifaat

“De moordenaar is nog steeds op vrije voeten”, zegt de nieuwe omslag van Charlie Hebdo, een jaar na de aanslag op de redactie. De cartoon toont een boos kijkende God, met bebloede toog en een kalasjnikov op de rug. Zijn er al mensen geweest die zich er daadwerkelijk over opgewonden hebben, die zich gekrenkt hebben getoond in hun religieuze gevoelentjes? Ik niet in elk geval. Het is welbeschouwd een vrij matige grap, niet echt origineel, niet echt intelligent – maar we nemen er allemaal plechtig kennis van en doen alsof het heel wat is, want hé, Charlie Hebdo… Het mag wel wat minder eigenlijk, met dat aura van martelaarschap.
Lees verder OverGod woont niet op het kalifaat

Neofundamentalisten en andere simplificaties

Neofundamentalisten en andere simplificaties

“Mensen denken vaak dat ik hier bij het Sociaal en Cultureel Planbureau de luxe heb dat ik hele dagen kan nadenken over religie. Was het maar waar! Het is maar een klein onderdeeltje van mijn werk. Wij doen onderzoek in opdracht van het kabinet. Dat wil graag weten hoeveel ziekenhuisbedden we in 2030 nodig hebben, en hoe we de schooluitval onder Marokkaanse jongeren kunnen stoppen. Niet of de PKN toekomst heeft en hoeveel mensen een Parabeurs bezoeken. Daar houdt de politiek zich toch niet mee bezig? Dat ik me toch soms met dergelijke vragen bezig kan houden, komt omdat het mij in hoge mate interesseert. Als ik hier weg zou gaan, is het einde verhaal.”

Wij mogen, vind ik, wel wat zuiniger zijn op Joep de Hart. Zoals blijkt uit bovenstaande woorden – die ik zelf optekende uit zijn mond, toen ik hem in 2011 interviewde voor het tijdschrift Volzin – is het niet zo vanzelfsprekend dat hij zulke mooie dikke rapporten schrijft over religie voor het Sociaal en Cultureel Planbureau. Destijds interviewde ik hem over zijn boeiende onderzoek naar nieuwe spiritualiteit (Zwevende gelovigen), zopas verscheen zijn misschien nog wel veel boeiendere studie Geloven binnen en buiten. Het is een fraai boekwerk, hier integraal te downloaden, dat je het beste leest met een wijntje, pijp en ontstoken haardvuur binnen handbereik. Het bevat namelijk veel genuanceerd verwoorde en goed onderbouwde inzichten in de wijze waarop godsdienst en spiritualiteit in onze huidige samenleving transformeren. Dergelijke kost laat je nu eenmaal het beste langzaam bezinken. Vandaar dat het zo jammer is dat onze media de boodschap onmiddellijk hapklaar en luchtdicht verpakt hadden in het folietje van een simplistische conclusie: jongere gelovigen zijn steeds vaker ‘neofundamentalisten’.

Lees verder OverNeofundamentalisten en andere simplificaties

Oorlog (en vrede) met Tolstoj

Oorlog (en vrede) met Tolstoj

“Kerk blijft in oorlog met Tolstoj”, las ik op Kerknieuws. “En terecht”, was mijn spontane reactie, nog voor ik het artikel gelezen had. Nadat ik het artikel gelezen had, dacht ik: “En terecht!” Ik vind de argumenten die de zegsman van de Russisch-Orthodoxe Kerk aanhaalt zeer valide. Begrijp me goed: Lev Tolstoj – die vandaag precies honderd jaar dood is – was een groot schrijver, dat ontken ik niet (hoewel ik hem ook zeker niet de beste van de grote Russische auteurs vind… Geef mij maar de meer robuuste en grimmige Dostojevski). Maar een groot religieus denker was Tolstoj zeker niet.

Lees verder OverOorlog (en vrede) met Tolstoj

Religiejournalistiek anno nu

Religiejournalistiek anno nu

Afgelopen weekend was ik in het Dominicanenklooster in Huissen bijeen met een aantal collega-religiejournalisten, in het eerste zogeheten ‘Beraad van Huissen’. In een inspirerend en intensief programma hebben wij gesproken over de kwaliteit van en uitdagingen voor de religiejournalistiek. Uit dit Beraad is een manifest voortgekomen, waarin wij vijf wezenlijke principes van de religiejournalistiek poneren. Hieronder de integrale tekst van dit manifest.
Lees verder OverReligiejournalistiek anno nu

De eerste en de laatste vragen

De eerste en de laatste vragen

“C. S. Lewis heeft zijn tijd gehad. (…) In zijn boeken ging het vooral om vragen waar christenen zelf mee zitten. Waarom is er lijden? Wat is schoonheid? Belangrijke vragen, dat zeker. Maar niet de vragen van deze tijd. Die gaan dieper. Mensen willen antwoorden op de vraag of God bestaat, en wat het ware geloof is.”

Aldus de Amerikaanse filosoof en theoloog William Lane Craig, in het Reformatorisch Dagblad. Interessant artikel. Slimme kerel, die Craig. Maar ik kan het toch niet geheel eens zijn met bovenstaande opmerking. Niet eens zozeer omdat hij zegt dat C.S. Lewis zijn tijd heeft gehad. (Zou best waar kunnen zijn, hoe veel ik ook van het werk van Lewis hou.) En ook niet omdat het onwaar is dat mensen tegenwoordig met andere vragen zitten. (Dat lijkt me een juiste analyse.) Nee, waar ik me stellig tegen verzet, is de opvatting dat die hedendaagse vragen dieper zijn, zoals Craig beweert. De vraag of God bestaat en wat ware religie is – het lijken me bij uitstek tamelijk oppervlakkige vragen. Sterker nog, het zijn eigenlijk maar amper religieuze vragen te noemen.

Lees verder OverDe eerste en de laatste vragen