Je snuffelt nu in het archief van gedicht.

Goede week VI: Goede vrijdag

april 10, 2009 in Sprakeloos

cross1ik veeg mijn stoep 
schoon met het laatste
beetje water
uit mijn bron.

een vreemde dag
ochtend nog
maar voor de aarde
avondrood.
de dood
maakt vrienden waar de
blinde toch
zijn eigen ogen zag.  

uit de velden
rent een man
de stad in
heuvel op.

wat is dat nou
voor klein geluk?
vanwaar ben
jij zo blij?
‘niet voor mij
niet eens voor Hem
maar eigenlijk
voor jou.’

een vreemde dag
een blinde dood
ik schud mijn hoofd
en kijk hem na.

niet veel later
slinkt de zon
de lucht raakt
ijlings op.
ik stop
met vegen, staak ‘t
ademen, de bron
vult zich met water. 

cross2naar de velden
kruipt die man
de stad uit
heuvel af.

wat is dat nou
voor groot verdriet?
vanwaar
dat stil geschrei?
‘niet voor mij,
noch voor Hem, maar
zie je het niet?
voor jou.’ 

(Lc. 23:25-31)

Goede week V: Witte donderdag

april 9, 2009 in Sprakeloos

disciples-detail-1-from-last-supper

voet voor voet voor
voet
loop ik met de zware kom
naar de deur.

iets dat op vriendschap lijkt
zie ik als ik binnen ben.

voet voor voet voor
voet
loop ik met de zware kom
naar de tafel.

er wordt meer gezwegen
dan gesproken. stof op huid,
water op steen.

voet voor voet voor
voet
loop ik met lichte handen,
zware voeten,
terug naar de deur.

achter me gedempte woorden,
gezwollen stilte. water op huid,
stof op steen.
iets dat op een afscheid lijkt.

(Joh. 13:1-15)

Goede week IV: Woensdag

april 8, 2009 in Sprakeloos

 

detail-from-the-last-supperik word gewekt
en luister: 
‘de meester laat weten:
mijn uur is nabij.’

ik word gewekt
en spreek:
‘waarom bij mij?
waarom juist bij mij?’

(Mt. 26:14-25)

Goede week III: Dinsdag

april 7, 2009 in Sprakeloos

disciples-detail-3duisternis glijdt van de daken
op de straten, op ‘t trottoir
en tenslotte op de reizigers
voor het feest hier bij elkaar.

baan mij een weg door deze drukte
in een lome slakkengang
bots dan tegen ‘n man met haast aan
‘n man met tranen op zijn wang.

hij raapt zijn beurs op, een stuk brood
geen excuus tot mij gericht
hij herstelt zich en verdwijnt
in de duisternis, uit ‘t gezicht. 

(Joh. 13:21-33, 36-38)

Goede week II: Maandag

april 6, 2009 in Sprakeloos

marywashes02ik zie niets.
wij verdringen ons bij het raam
om die man te zien
die dood was
en nu weer leeft.
maar hij heeft
de gordijnen gesloten.
hij heeft een gast,
zegt men — maar ken ik die?
het is slechts een menigte die ik zie.

ik hoor niets.
wij leggen onze oren tegen de deur
om de verhitte stemmen
te onderscheiden.
maar zij vermijden
ontdekking, de kieren gesloten.
zijn gast is een belangrijk man,
zegt men — zag ik hem hiervoor?
het is slechts geruzie wat ik hoor.

ik ruik niets.
wij snuiven aan de walmen uit de keuken
om versgebakken brood, zoete wijn
te ruiken.
maar de luiken
gaan dicht, de beurzen gesloten.
naar die belangrijke man luisteren de doden,
zegt men — hoor! breekt daar een kruik?
het is slechts lijkbalsem wat ik ruik.

(Joh. 12:1-11)

Goede week I: Palmzondag

april 5, 2009 in Sprakeloos

2331988802_265693c876niet als een gek
die men gelijk geeft
om wat hij aan heeft
of juist niet;
nee, zo niet, ik weet
niet hoe — maar niet zo,
niet omdat met hen
niet te redeneren viel,
niet omdat ik
van hen af wou zijn.
nee, niet daarom
liet ik hen begaan.

niet als een soldaat
die men gelijk geeft
wat hij vraagt; hij heeft
het zwaard, ik niet;
nee, zo niet, ik weet
niet hoe — maar niet zo,
niet omdat zij
wapens droegen en ik niet,
niet omdat ik
vreesde voor jouw of mijn leven.
nee, ook niet daarom
liet ik hen begaan.

niet als een redenaar
die men gelijk geeft
omdat hij de kennis heeft
en jij niet;
nee, zo niet, ik weet
niet hoe — maar niet zo,
niet omdat zij zeiden
dat hun heer mijn ezel
nodig had — wie is hun heer?
ik ken hem niet.
maar toch, maar toch,
maakten zij de touwen los,
zij namen het onbereden veulen mee,
en ik liet hen begaan.

(Mc. 11:1-11)