“Zie, hoe goed, hoe klaar van stil geluk…”

Gabriël Smit! Omroep RKK heeft pas een uitermate boeiende radio-uitzending aan deze dichter gewijd, omdat hij een beetje fout was in en vooral voor de oorlog. Hoe dat precies zat doen de geïnterviewden goed uit de doeken – en ze schetsen tegelijk een intrigerend tijdsbeeld van de jaren ’20 en ’30, toen de katholieke jongerenbeweging van toen begon te radicaliseren. Ik heb daar verder niet veel aan toe te voegen. Maar hoe interessant de reportage ook is: ik vind deze episode uit Smits leven, deze flirt met het fascisme, eerlijk gezegd het minst interessante aspect aan de figuur van Gabriël Smit.

Gesigneerd exemplaar van Smits psalmberijmingInteressanter vind ik zijn intellectuele prestaties. Ik draag zijn naam en werk al een lange tijd met mij mee, in een onopvallende, weinig geopende borstzak nabij mijn hart. Langer nog dan andere, meer in het oog springende helden van mij uit zijn tijd – mensen met wie hij ook bevriend was: Anton van Duinkerken, Godfried Bomans… Smit was niet zo kleurrijk als Van Duinkerken, niet zo flamboyant als Bomans. Maar in literair en intellectueel opzicht was hij ontegenzeggelijk fijnzinniger… Ach, ik hoef deze grote geesten ook helemaal niet met elkaar te vergelijken – Gabriël Smit was een fijnzinnig intellectueel, punt. Iemand die wat achter de coulissen bleef, maar daar in de schaduw prachtige dingen produceerde. Hij schreef gedichten die me bijzonder dierbaar zijn. (Ik citeerde hem hier en hier eerder, in andere contexten.) Ook heeft hij het werk van de onvolprezen Duitse denker Romano Guardini in het Nederlands vertaald. Bovendien heeft hij een prachtige berijming gemaakt van de psalmen. Als ik even mag opscheppen: ik ben de trotse eigenaar van een handgenummerd (nr. 144 van 1000!) en gesigneerd exemplaar van dat boek (de bijgevoegde foto is het bewijs).

In mijn e-roman De honderdjarige leg ik Godfried Bomans een frase uit deze psalmberijming in de mond. Wanneer hij medio jaren ’30 voor het eerst het klooster van Monte Oliveto bezoekt, laat ik hem verzuchten:

“Zie, hoe goed, hoe klaar van stil geluk is ’t waar broeders vredig samenkomen…”

Gabriel SmitDe goede verstaander herkent daarin de openingszin van Psalm 132, in de versie van Gabriël Smit. De scène is overigens historisch; Bomans was inderdaad in Monte Oliveto in Toscane, en hij was zo onder de indruk van dat klooster dat hij er wilde intreden. Dat hij deze woorden geuit heeft is echter onwaarschijnlijk, aangezien de Psalmen van Smit pas twee decennia later verschenen, in 1952. Het is een bewust ingebracht anachronisme, een knipoog naar een andere held. (De honderdjarige bevat veel van zulke knipogen.) Smit speelt trouwens ook nog een meer expliciete (bij-)rol in het boek: ik laat hem en Bomans elkaar ontmoeten op de redactie van de Volkskrant, medio jaren ’60. (Geen anachronisme, want toen werkten zij daar inderdaad allebei.)

’t Is maar een voetnoot, ik weet het, maar Gabriël Smit leeft in de voetnoten en zal daar wel altijd blijven leven – en dat geeft niet, want daar leidt hij een prachtig postuum bestaan.

2 gedachten over ““Zie, hoe goed, hoe klaar van stil geluk…”

  1. Antwoord (Gabriël Smit)

    Soms ben ik bang dat u niet blijft,
    dat uw voeten leegbloeden op lege
    wegen, dat uw zachtmoedige handen tegen
    zoveel verraad, zoveel weerspannigheid

    in mensen en dingen niet bestand
    zijn, dat u zeggen zult: ik had beter
    moeten weten, mensen waarheid leren
    is waanzin, leugen hun vaderland.

    Moet ik U dan nu, in de kribbe,
    waarschuwen? Zeggen: doe het niet,
    doe het anders, laat uw moeder vergeten

    wat de engel sprak? Uw eigen stilte
    – nacht, sterren, adem – zingt uw lied
    van antwoord: zelfs op aarde vrede.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *