Zijn wie je niet bent

Niet lullig bedoeld, hoor – of nou ja: eigenlijk toch wel – maar de mooiste, ontroerendste en indrukwekkendste scène van de nieuwe Narnia-film, The Voyage of the Dawn Treader, is zonder twijfel de aftiteling. Na twee uur duizelingwekkende computeranimaties – uiteraard in 3D, want 3D is het nieuwe en onwrikbare Hollywood-dogma – is het ronduit een verademing om bij de credits getrakteerd te worden op een onmiskenbaar eerbetoon aan de in 2008 overleden illustratrice Pauline Baynes. Zij was letterlijk en figuurlijk beeldbepalend voor de kinderboekenreeks van C.S. Lewis. Zij maakte er, in de originele uitgave althans, de tekeningen bij: eenvoudig maar speels, klassiek, en in zalig 2D.

Met nostalgie of purisme heeft het evenwel niets te maken dat ik de aftiteling het beste deel van deze verfilming vond. Dat de filmmakers het verhaal wat naar hun hand zetten, en met de technologische middelen die hen anno nu ter beschikking staan vertolken, lijkt me niet meer dan logisch. Ik geef daarbij toe: de 3D-graphics zijn zo nu en dan best indrukwekkend. Ook hoor je van mij geen onvertogen woord over het acteerwerk: de jeugdige acteurs leggen in deze derde Narnia-film wederom een aanstekelijk enthousiasme aan de dag. Georgie Henley is weer een innemende Lucy Pevensie, en nieuwkomer Will Poulter is precies zo onuitstaanbaar als de Eustace Scrubb uit het boek.

Toch vind ik The Voyage of the Dawn Treader veruit het beroerdste deel uit deze toch al niet zo sterke reeks boekverfilmingen.

Ik denk dat de makers zo veel aandacht hebben besteed aan het visuele aspect van de film, dat ze het narratieve element volstrekt uit het oog hebben verloren. Ze vergeten domweg een geloofwaardig verhaal te vertellen. Over innerlijke en uiterlijke worstelingen wordt verbluffend gemakkelijk heen gestapt – Aslan brult een keer of Lucy spreekt haar broer een keertje streng toe, en de diepste angsten en verzoekingen verdwijnen als sneeuw voor de zon. Nergens lijkt de reis urgent, nergens lijken de gevaren reëel, nergens lijkt de zelfoverwinning onmogelijk.

En dat is jammer, want het basisidee van dit Narnia-deel is zo interessant. Het gaat, denk ik, ten diepste over de vraag of je bent wie je bent… Verschuil je je niet ofwel achter een façade van schone schijn (zoals Susan Pevensie, die zich inmiddels bijna volwassen in welgestelde kringen begeeft), ofwel achter een vestingsmuur van onaangenaamheden (zoals Eustace, die in een draak moet veranderen vooraleer hij inziet wat voor draak van een kind hij is)? En probeer je niet iemand te zijn die je eigenlijk niet bent – zoals Edmund, die zich aan het begin van de film ouder voordoet in een vergeefse poging in het leger toegelaten te worden, of Lucy, die zo jaloers is op het leven en uiterlijk van haar oudere zus Susan?

De filmmakers hebben heel goed gezien dat dit al-te-menselijke probleem de kern is van The Voyage of the Dawn Treader, ze hebben zelfs tamelijk dik aangezet, maar nogmaals, ze stappen er veel te gemakkelijk overheen.

Sterker nog – en het was de prachtige aftiteling die mij bewust maakte van deze ironie – de filmmakers trappen zélf in precies de valkuil waar zij Lucy zo luchtig overheen laten springen… Deze film wil een film zijn die zij niet is. Alle Narnia-films totnogtoe wilden films zijn die zij niet waren. Zij wilden The Lord of the Rings zijn, zij wilden Harry Potter zijn, kortom, ze wilden een populaire epische fantasyfilm zijn. En dus kregen we massale veldslagen met groteske monsters te zien (The Lion, the Witch and the Wardrobe) en spectaculaire magie (Prince Caspian), en veel panoramisch natuurschoon en wagneriaans aanzwellende filmmuziek.

Natuurlijk werkt dat niet: de boeken van Lewis zijn veel minder duister dan die van Tolkien, veel braver dan die van Rowling. Narnia is gezelliger dan Midden-Aarde, en de tovenaars en toverdieren zijn er vriendelijker dan die op Hogwarts. Er blijft daarom steeds iets wringen wanneer je The Chronicles of Narnia poogt te vertalen naar episch computer-geanimeerd spektakel in 3D. Deze boeken worden qua sfeer nu juist duizend maal beter getroffen door die prachtige prenten van Pauline Baynes – eenvoudig en speels, klassiek, en in zalig 2D…

Lees ook:

De trailer van The Voyage of the Dawn Treader:

[vimeo clip_id=12622689]

11 gedachten over “Zijn wie je niet bent

  1. Pingback:Tweets die vermelden Zijn wie je niet bent | Anton de Wit -- Topsy.com

  2. Heeft het ook niet te maken met de verhaallijn van ‘The Voyage of the Dawn Treader’ zelf? Voorafgaand aan een bezoek aan de bioscoop heb ik het boek weer gelezen. Geen episch verhaal met een plot van a-z. Maar een bundeling aparte verhaaltjes, rond steeds weer een ander eiland, een andere ‘Lord’ en een ander op te lossen probleem. Waarin ik overigens de dialogen (Reepicheep, Aslan, Eustace, Lucy, Edmund) en het tussendoor-commentaar van Lewis het sterkste vind.

    Ook in de film, waarin nog sterker naar voren komt dat de rode draad behoorlijk dun is (ze zijn nog niet geland op het ene eiland, of het volgende eiland dient zich al aan) heb ik het meest van de verstilde momenten en de dialogen genoten. Aslan in gesprek met Lucy. Het contact tussen Reepicheep en Eustace. En de slotscène, de ontmoeting van Caspian, Reepicheep, Lucy, Edmund en Eustace met Aslan.

  3. Het zou goed met de structuur van het boek te maken kunnen hebben. Dat fragmentarische karakter maakt het lastig te verfilmen, heeft de regisseur zelf ook gezegd: http://en.wikipedia.org/wiki/The_Chronicles_of_Narnia:_The_Voyage_of_the_Dawn_Treader#Comparison_with_the_source_material

    Zelf heb ik het boek niet herlezen voor het zien van de film, het is al weer even terug dat ik het las. Ik vond het zeker niet het indrukwekkendste deel van de reeks, hoewel bij mij met name het laatste stuk is bijgebleven, waar ze over de stille zee met lelies varen, en de ontmoeting tussen Caspian en de dochter van Ramandu. Die beide dingen vond ik in de film niet echt sterk uit de verf komen (Ramandu ontbrak zelfs helemaal, meen ik… of misschien knipperde ik net met mijn ogen).

    Die slotscène waar je het over hebt… Ook die vond ik erg tegenvallen: het gaat weer zo snel, dat het dramatisch niet uit de verf komt, ondanks de spectaculaire vloedgolf. Het is wel het afscheid van Reepicheep, een belangrijk moment dat in het boek – zo ik het me herinner – plechtig en droevig is… een ‘eucatastrofe’, om met Tolkien te spreken; in de film is het me te veel een obligaat vaarwel aan een vervangbare ‘comic sidekick’.

    Maar goed, ik heb de film natuurlijk nog maar één keer gezien, dus mijn oordeel is nu nog weinig genuanceerd, besef ik.

    1. Grappig. Ik heb net juist het afscheid van Reepicheep (uit het boek) weergegeven in een nieuwe bijdrage op mijn blog. Misschien heb ik naar die scène vooral door de bril van het boek gekeken. Ik vond het afscheid minder obligaat dan jij nu weergeeft. Ben benieuwd wat een tweede keer kijken jou en mij oplevert.

      1. Je blogbijdragen zijn zeer interessant!

        Misschien is mijn oordeel inderdaad te eenzijdig.

        Maar de originele woorden van Lewis, zoals jij die weergeeft, raken mij toch dieper dan die scène in de film me geraakt heeft. 🙂

        Overigens: ik ben nu ook wel erg benieuwd naar The Silver Chair… Ik neem althans aan dat ze die hierna gaan verfilmen. Ik vind dat zelf het beste deel van de boekenserie, maar heeft net als Dawn Treader een tamelijk fragmentarisch karakter, vrees ik…

          1. Bedankt voor de links…

            By the way: Aan het einde van de film hoor je de moeder van Eustace zeggen dat Jill Pool voor de deur staat. Ook een duidelijke vingerwijzing dat The Silver Chair eraan zit te komen, denk ik zo. (Strikt genomen klopt het niet; Jill vindt Eustace nog een irritant rotjong tot zij in The Silver Chair ontdekt dat hij door zijn bezoek aan Narnia veranderd is. Dus het ligt niet bepaald voor de hand dat zij bij hem op bezoek kwam toen Eustace net uit het schilderij getuimeld was. Afijn, dat terzijde, ik snap natuurlijk de narratieve functie om een bruggetje te slaan naar de volgende film.)

  4. Pingback:De eeuwige strijd tussen goede en slechte fantasy | Anton de Wit

  5. Pingback:De vlakke wereld van 3D | Anton de Wit

  6. Pingback:De ware superheld | Anton de Wit

  7. Double olympique qui pique du nez face aux Aut©ialiens.PérrpÃstie et grosse surprise.Avec Fedo et Stan, c'est sur le papier au moins l'égal d'un Nadal/Ferrer hors terre battue.Conclusion : La suisse peut largement viser une finale suivent le tirage.Le hic, c'est que nos duettistes n'ont pas droit à la blessure sur tout le parcours.It’s up to you !

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *